Ongrijpbare gedachten

Zeven stappen in de breedte en zeven in de lengte, zo groot is deze ruimte waar ik mij nu in bevind. Twee stappen van de muur vandaan zit ik op een stoel. Het is mijn favoriete stoel. Een bureaustoel met een mat-chroom frame op wielen. De stoel is bruin gestoffeerd en aan weerszijde een subtiele armlegger. Het zitvlak is niet meer zo comfortabel als dat het ooit is geweest, gezien deze stoel al minstens dertig jaar oud moet zijn. Ik grijp naar een blikje cola dat op het bureau staat ondanks ik in mijn achterhoofd weet dat ik deze reeds heb leeg gedronken. Er zijn momenten dat ik spontaan op sta, naar de spiegel loop en een hand door mijn haar laat gaan om onbekende reden. Ik loop terug naar mijn stoel en ik ga weer zitten. De klassieke muziek van Mendelssohn geeft me de juiste impuls om te schrijven, om maar iets te doen, iets te vangen! Voor korte tijd beweegt het mij voorwaarts de goede richting op tot ik stil val, om me heen kijk en mijzelf vragen begin te stellen. Wat doe ik hier? Hoe laat is het? Heb ik plannen? Op momenten dat ik stil val en dat ik angst voel speel ik de muziek verder af en omringt de muziek mij als een schild. Het voelt alsof het me tilt en gewichtloos maakt, alsof het allemaal niet uit maakt, alsof ik gillen mag, alsof ik alles grijpen kan. Als ik langs het beeldscherm van mijn computer kijk zie een kast met daarop mijn dagboeken, een houten beeldje dat ik uit een boomstam sneed met mijn vader toen ik veertien was en twee van mijn nette schoenen. Als de muziek me in beweging heeft gezet stop ik de muziek en drijf ik verder op de stilte met op de achtergrond slechts licht het geluid van passerende auto’s. Soms is plotseling de vaart eruit, opnieuw, ik kijk om me heen en vraag me af waar ik mee bezig ben. Ik sta op, zoek het midden van het kleed, spreid mijn armen, kijk omhoog, slaak een zucht en plof terug in mijn de stoel. Wanneer ik de muziek weer aan zet hangt alles wat ik zie aan draden, krijgt het diepte en beweegt het op en neer. Het is alsof ik naar een draaimolen kijk die niet draait maar wel op en neer beweegt. Als ik langs de schoenen kijk, het beeldje, de dagboeken en nog wat fotolijstjes, dan zie ik een prikbord van drie meter bij anderhalf. Het hele prikbord hangt vol met notities, foto’s, kaarten, tekeningen en aandenken verzamelt vanaf dat ik klein ben. Met de muziek aan verdwaal ik in mijn eigen geschiedenis waarin mensen mij een schouderklopje geven, naast me lopen en mij de hand schudden. Maar ook mensen die afscheid van me nemen of die slechts hun laatste woorden spraken. Als ik de muziek stop om het vast te grijpen verdwijnd alles uit het zicht en besef ik mij dat niks aan draadjes hangt en ik hier slechts in een hele grote kamer alleen op mijn bureaustoel zit met veel te veel ongrijpbare gedachten.